Oranje Nassaustraat 19, 1165 GL Halfweg Nh 020 497 2835 info@margrietschool.com

Onderwijskundig

De organisatie van de school

Op de Margrietschool wordt gewerkt volgens het leerstofjaarklassensysteem. Dat betekent dat kinderen van dezelfde leeftijd in principe bij elkaar in de groep zitten en als klas de leerstof van dat jaar krijgen aangeboden. De leerlingen van de school zijn verdeeld over 5 groepen. Groep 1/2, groep 3, groep 4/5, groep 6 en groep7/ 8. De groepsgrootte varieert van 19 tot 22 leerlingen. Het aantal leerlingen per groep is geen vast gegeven. Er zijn factoren die de groepssamenstelling beïnvloeden. Om de doorgaande lijn van groep 1 tot en met 8 te garanderen, werken wij met een onderbouw die loopt van groep 1 tot en met 4 en een bovenbouw van groep 5 tot en met 8. De leerkrachten van deze groepen vergaderen regelmatig met elkaar over de inhoud en de ontwikkeling van het onderwijs.

Opbrengst Gericht Werken

De Margrietschool werkt opbrengst gericht. In schooljaar 2011‐2012 zijn we begonnen met rekenen. In 2014‐2015 werd deze manier van werken voor spelling en begrijpend lezen ingevoerd. Een school die opbrengstgericht werkt, zet zich planmatig in voor het verbeteren van de vorderingen van leerlingen. Dit gebeurt door hoge doelen te stellen, gericht hieraan te werken en leerlingen systematisch te volgen in hun vorderingen. En het werkt! Scholen die systematisch hun toets gegevens analyseren en gebruiken hebben betere resultaten, zo blijkt uit onderzoek van de Inspectie. Maar het is niet eenvoudig, zeker niet om duurzame verbeteringen tot stand te brengen. Gericht werken aan hoge opbrengsten betekent in de eerste plaats goed onderwijs. Dat wil zeggen onderwijs door competente leraren die effectief instructie geven, hun onderwijsdoelen, inhouden en didactiek kunnen afstemmen op verschillen tussen leerlingen en voortdurend ‐ dus niet alleen bij de toets ‐ reflecteren op het effect van hun lessen.

Het ADI-model

Op de Margrietschool hebben we gekozen voor een doorgaande lijn. Iedere leerkracht geeft op dezelfde wijze instructie. Wij geven instructie volgens het ADI-model (Activerende directe instructie).

Dit model is gebaseerd op het Directe instructiemodel, aangevuld met elementen uit de sociaal-constructivistische leerpsychologie. Daarbij staat het actief leren en de kennisconstructie centraal. De achterliggende gedachte is dat nieuwe informatie beter beklijft als het gekoppeld wordt aan bestaande kennis.

Bij activerende directe instructie doorlopen de leerkracht en de leerling samen op een interactieve manier de stappen in de onderwijsleersituatie. Dit model is gestructureerd opgebouwd in zeven fasen:

  • Terugblik. De onderwijsactiviteit start met het ophalen van voorkennis en/of het bespreken van het voorgaande werk.
  • Oriëntatie. De leerkracht presenteert het onderwerp van de les. Hij geeft een lesoverzicht met eindtijd. Ook benoemt hij de lesdoelen en bespreekt hij het belang van de lesstof.
  • Instructie. In kleine stappen onderwijst de leerkracht de leerstof.
  • Begeleide inoefening. Onder begeleiding van de leerkracht oefenen de leerlingen de zojuist aangeboden leerstof.
  • Zelfstandige verwerking. In deze fase gaan de leerlingen zelfstandig aan de slag.
  • Evaluatie. Daarna komt de nabespreking van de dingen die goed en minder goed gingen. Laat de leerlingen dit zelf benoemen. Controleer of het lesdoel bereikt is.
  • Terug- en vooruitblik. De leerkracht plaatst de les in de context van de andere lessen en geeft aan welke vervolgactiviteit komt.

De hoofdonderdelen van de les zijn de instructie, het begeleide inoefenen en de zelfstandige verwerking.

Zelfstandig werken: als doel en als middel om leerlingen apart te kunnen ondersteunen.

Het team heeft de afgelopen jaren veel nagedacht en gesproken over de manier van lesgeven en wil dit nog verder op elkaar afstemmen. Daarbij is gekozen voor een duidelijke huisstijl die past bij onze bewuste keuze voor klassikaal onderwijs en herkenbaar is voor alle kinderen en ouders: het GIP-model. GIP staat voor Groepsgericht en Individueel gericht Pedagogisch en didactisch handelen en kent een vaste organisatievorm. Daarvoor hebben we de volgende afspraken gemaakt die in iedere groep gelden:

  • De leerkracht loopt op een vaste manier rondes door de klas langs alle leerlingen;
  • De leerkracht loopt tijdens de les 3 rondes;
  • Alleen tijdens een ronde krijgen de kinderen aandacht of hulp;
  • De materialen liggen voor de kinderen op een vaste plaats;
  • In iedere groep is een instructietafel waar kinderen extra uitleg kunnen krijgen;
  • We maken werkafspraken met kinderen die meer aankunnen of juist extra tijd nodig hebben. Vanaf groep 3 is er een stoplicht om aan te geven wanneer leerlingen hulp mogen vragen en wanneer zij zelfstandig moeten werken.

Deze manier van organisatie geeft de kinderen duidelijkheid, zodat hun zelfstandigheid wordt vergroot. Ook ontstaat er voor de leerkracht meer ruimte om goed om te kunnen gaan met de individuele verschillen. Als kinderen zelfstandig moeten werken zullen ze zelf kleine problemen moeten oplossen en verantwoordelijkheid krijgen voor hun werk. Dit alles draagt bij tot het vergroten van hun zelfvertrouwen en zelfwaardering. Vanzelfsprekend krijgt het samenwerken en het elkaar helpen hierin een duidelijke plek.